Taalniveautoets Nederlands
Wat past het beste bij schoonmaken?
    kranten
    stofzuiger
    trein
    komkommer
 
13.05. Het is
    vijf over één.
    vijf over dertien.
    vijf voor één.
    vijf voor dertien.
 
Ik vroeg een tosti met ham maar zonder ...................
    tosti
    brood
    beleg
    kaas
 
Ik woon in een appartement met drie grote ....
    buren
    kamers
    vloeren
 
We kunnen dit huis .... voor 850 euro per maand.
    kopen
    huren
    prachtig
 
18.45. Het is
    kwart over half zeven.
    kwart over zeven.
    kwart voor zeven.
    kwart voor zes.
 
Kies het juiste woord
Voorbeeld: De SNELSTE auto. (snel)
  hard  
Jullie praten dan de buren.
  leuk  
Ik vind Piet de van mijn collega's.
  duur  
Wie heeft het horloge?
  goed  
Mijn broer is in Nederlands dan ik.
  veel  
Ik heb boeken dan c.d.'s.
Welke zin is correct?
Waar gaan jullie vandaag heen?
    Vandaag gaan we naar het strand.
    Vandaag we gaan naar het strand.
    Vandaag we naar het strand gaan.
 
Kies de goede structuur.
    Ze met haar familie woont in Utrecht.
    Woont ze met haar familie in Utrecht.
    Ze woont met haar familie in Utrecht.
 
Kies de goede structuur.
    Woont Stephan in Amersfoort?
    In Amersfoort Stephan woont?
    Stephan in Amersfoort woont?
 
Kies de goede structuur.
    Studeert zij aan de UvA?
    Zij aan de UvA studeert?
    Aan de UvA zij studeert?
 
...... je een huis gekocht?
    Heb
    Koop
    Ben
 
Wij ...... een broodje kaas gegeten.
    mogen
    kunnen
    hebben
 
.................. je een cadeau gehad?
    Word
    Heb
    Is
 
.................. je naar Amerika gegaan?
    Word
    Ben
    Kun
 
.................. jullie een mooie film gezien?
    Worden
    Hebben
    Zijn
 
Kies het juiste adjectief.
Voorbeeld: Dit huis is erg OUD.
Een groot huis in het centrum is erg .
Dit is een ring, ik kan hem niet betalen.
Het antwoord op de vraag is , je bent geslaagd!
Hoeveel antwoorden weet jij?
Deze auto rijdt , hij rijdt 230 kilometer per uur.