Taalniveautoets Nederlands
Wat hoort bij arts?
    medicijnen
    brood
    tomaten
    kip
 
Ik moet een broodje.....
    eten
    bellen
    gaan
 
Wat past het beste bij ober?
    muziek
    restaurant
    slagroom
 
Heb je .................. een broodje?
    lekker goed
    zin erg
    zin in
    zin lekker
 
Wat hoort bij biefstuk?
    vlees
    vis
    kip
 
Wat hoort bij bakker?
    medicijnen
    brood
    kip
    tomaten
 
Kies de juiste vraag bij het antwoord.
U kunt kiezen uit: b. Welke kleur jas zoekt u? - a. Welke broekmaat heeft u, mevrouw? - e. Wilt u een klantenkaart van ons? - c. Wilt u deze laarzen even passen? - d. Hoe wilt u betalen?
Ik heb maat 42.
Ik zoek een zwarte jas.
Ja, waar kan ik gaan zitten?
Graag met creditcard, als dat kan.
Nee, ik heb er al een van uw winkel.
Welke zin is correct?
Kies de goede structuur.
    Sarah komt uit Groningen.
    Sarah uit Groningen komt.
    Uit Groningen Sarah komt.
 
Kies de goede structuur.
    Sarah komt uit Engeland.
    Komt Sarah uit Engeland.
    Uit Engeland Sarah komt.
 
Kies de goede structuur.
    Woont Stephan in Amersfoort?
    In Amersfoort Stephan woont?
    Stephan in Amersfoort woont?
 
Wat hebben jullie gisteren bekeken?
    We hebben gisteren Delphi bekeken.
    We hebben bekeken gisteren Delphi.
    We bekeken hebben gisteren Delphi.
    We gisteren Delphi bekeken hebben.
 
.................. jullie een mooie film gezien?
    Worden
    Hebben
    Zijn
 
...... je een huis gekocht?
    Heb
    Koop
    Ben
 
Wij ...... een broodje kaas gegeten.
    mogen
    kunnen
    hebben
 
...... jullie naar de film geweest?
    Zijn
    Worden
    Hebben
 
.................. je een cadeau gehad?
    Word
    Heb
    Is
 
Kies het juiste hulpwerkwoord.
U kunt kiezen uit: geef - kunnen - mag - mogen - zullen
ik een kilo kaas?
jullie dat even doen?
we het dagmenu nemen?
Ik je de hamburger.
Jij hier niet naar binnen!